• Home
  • Disclaimer
  • Sitemap
  • Nederlands
  • English
  • Anatomie van de knie
  • Arthroscopie
  • De meniscus
  • De voorste kruisband
  • De achterste kruisband
  • Gecombineerde bandletsels knie
  • Het kraakbeen
  • Artrose
  • Het patellofemoraal pijn syndroom
  • Voortdurende pijn na een operatie
  • Links
  • FAQ
  • Diagnose

    De diagnose wordt gesteld op grond van de klachten en beperkingen die door de patiënt worden geuit en op grond van de bevindingen bij het orthopedisch onderzoek van de knie.

    Een conventionele belaste röntgenfoto volstaat veelal om de klinische diagnose te bevestigen.  
    De MRI en CT-scan hebben weinig aanvullende waarde.
     
    Op een röntgenfoto worden een aantal specifieke kenmerken gezien:
     
    1. verdichting van bot (sclerose), het bot is witter op de foto
    2. versmalling van de gewrichtsspleet door verlies van kraakbeen                                       
    3. cyste vorming (kleine holte gevuld met vocht nabij de gewrichtsspleet)
    4. botapposities aan de randen van het gewricht (osteofyten)
    5. losse botfragmenten (gewrichtsmuizen of corpora libera)
    6. vervorming van het gewrichtsoppervlak bij de ernstige vormen van artrose (artrosis deformans)
    7. soms worden verkalkingen in de meniscus gezien
     

    De verhoging van de druk in het gewricht met beginnende verdunning van het kraakbeen veroorzaakt verdichting (sclerose) van het bot. Als de belasting voortduurt gaat het lichaam, in casu het gewricht, proberen de druk te verlagen door het oppervlak te vergroten. Er vormen zich osteofyten of apposities waardoor de druk over een groter oppervlak wordt verdeeld. Als de druk blijft voortduren, slijt het kraakbeen langzaam verder en versmalt de gewrichtsspleet op de röntgenfoto. Dit proces is meestal traag en duurt soms vele jaren. Osteofyten kunnen zich soms zodanig ontwikkelen dat er bij voorbeeld klachten kunnen ontstaan van de mediale collaterale band. Osteofyten veroorzaken een verbreding van de contour van de knie. 
    Met een arthroscopie van de knie kunnen de osteofyten doorgaans goed worden vastgesteld. Een artroscopie "pro-diagnosi" is niet zinvol als op de conventionele röntgenfoto al een artrose kan worden vastgesteld. Op de foto geven de blauwe pijlen de osteofytaire rand aan ter plaatse van de laterale femurcondyl (buitenzijde bovenbeen). De rode asterisk staat gepositioneerd in de buiten meniscus, die weliswaar smal imponeert maar nog geen degeneratieve veranderingen vertoont.

    Verwijderen van osteophyten heeft meestal geen zin, behalve als de osteophyten mechanische klachten veroorzaken zoals het geval kan zijn in het patellofemorale gewricht. De sporing van de knieschijf kan er soms door verbeteren. Verwijderde osteophyten komen vaak snel terug, dus dit is een weinig zinvolle operatieve behandeling.

    Een artrose van de knie kan diffuus voorkomen of zich beperken tot een van de drie compartimenten. Zo toont de foto onder een geisoleerde artrose van het gewricht tussen knieschijf en bovenbeen beiderzijds die zijn oorsprong al vond op jonge leeftijd waarbij een probleem met sporing van de knieschijf en daaraan gekoppelde operatieve behandelingen uiteindelijk heeft geleid tot de atrose zoals nu op de foto wordt gezien en die gepaard gaat met veel (pijn)klachten en beperkingen met hurken, knielen en het langdurig in een houding zitten.


     

     

    Vorige1234567891011Volgende